Reinrie Egberink, dierenarts*
Feline lower urinary tract disease (FLUTD) is een veelvoorkomend fenomeen in de dagelijkse dierenartspraktijk; 1 tot 6% van de katten wordt ermee geconfronteerd.
Om FLUTD goed te kunnen diagnosticeren en effectief te kunnen behandelen is een gedegen en systematische aanpak noodzakelijk.
Anamnese, lichamelijk onderzoek, urineonderzoek en echografie zijn de stappen die leiden tot een diagnose.
Diagnostiek
Tijdens de anamnese moet aandacht worden besteed aan eventuele eerdere obstructies van de urinewegen, chirurgie en trauma.
Ook eventuele hematurie, dysurie en pollakiurie moet aan de orde komen.
Ten slotte zijn gegevens over mogelijke gedragsveranderingen, zoals urineren buiten de kattenbak en stressachtig gedrag, van belang.
Bij het lichamelijk onderzoek moet vooral bij katers aandacht worden besteed aan obstructie van de urethra met als gevolg een metabole disfunctie.
Inspectie van de blaas op grootte, en de blaaswand op dikte en stevigheid zal moeten plaatsvinden.
Ten slotte zal bij katers de punt van de penis geïnspecteerd moeten worden op blaassteentjes.
In het geval van een obstructie van de urethra is bloedonderzoek geïndiceerd.
In het algemeen is urineonderzoek echter een zeer belangrijk diagnostisch onderdeel om de oorzaak van de FLUTD te achterhalen.
Dit onderzoek dient standaard te worden uitgevoerd, dus ook als de oorzaak al duidelijk lijkt te zijn, en moet soms zelfs meer dan een keer gedaan worden.
Calciumoxalaatstenen kunnen bijvoorbeeld de oorzaak zijn van FLUTD zonder dat bij een eerste urineonderzoek kristallen van dit type te vinden zijn.
In het sediment moet onder andere gezocht worden naar bloed, leukocyten, kristallen en bacteriën.
Vooral in het geval van een blaasontsteking is het niet eenvoudig een urinemonster te verkrijgen, omdat door het veelvuldig urineren de blaas vaak bijna leeg is.
In dergelijke gevallen kan de dierenarts onder geleiding van echoscopie overgaan tot puncteren van de blaas of kan er gewacht worden tot de volgende spontane urinelozing in de kattenbak met niet-absorberende kattenbakkorrels.
Een natuurlijk verkregen monster heeft bepaalde voordelen; het is de enige manier om op hematurie te onderzoeken en het is minder belastend voor de kat.
Hoe schoner het monster, hoe betrouwbaarder de analyse, en dus zijn schone, niet-absorberende kattenbakkorrels, zoals katkor, noodzakelijk bij het verkrijgen van urine.
Het (thuis) verkregen monster dient binnen 8 uur onderzocht te worden aangezien anders de pH kan stijgen, waardoor struvietkristallen kunnen neerslaan.
Hierdoor zou de uitslag vals-positief kunnen zijn.
Echografisch onderzoek kan wijzen op blaasstenen, morfologische defecten en tumoren.
Oorzaken
Urolithiasis is in meer dan 30% van de gevallen de oorzaak van FLUTD. Microscopisch onderzoek naar het voorkomen van verschillende typen kristallen in de urine is noodzakelijk.
Het aantonen van kristallen geeft een sterk vermoeden dat dit de oorzaak is van FLUTD; als er echter geen symptomen zijn van FLUTD en er enkele kristallen worden aangetroffen dan hoeft dit niet te betekenen dat er sprake is van FLUTD.
Een bacteriële infectie komt in minder dan 10% van de gevallen voor. Een bacteriekweek van de urine is alleen geïndiceerd bij recidiverende FLUTD.
Een nadeel van het verzenden van een urinemonster voor een bacteriekweek is dat de kans op zowel een vals-negatieve als een vals-positieve uitslag betrekkelijk groot is, omdat opslag en transport doorgaans een lange tijd in beslag neemt.
Indien men het noodzakelijk acht urine op te sturen voor een kweek dan moet deze verkregen zijn door cystocentesis.
Leukocyten en bacteriën in het urinesediment vormen een zeer sterke aanwijzing voor een bacteriële infectie.
Het aantonen van leukocyten door middel van de stickmethode is niet altijd betrouwbaar, aangezien de uitslag vaak vals-positief is.
Morfologische defecten en tumoren komen in minder dan in 10% van de gevallen voor.
Ondanks uitgebreid wetenschappelijk onderzoek wordt in meer dan 50% van de gevallen geen afdoende verklaring gevonden voor FLUTD en luidt de diagnose idiopatische blaasontsteking - een diagnose per exclusio.
In de wetenschappelijke wereld is er momenteel veel aandacht voor de door stress verminderde bescherming van de blaaswand.
Conclusie
Binnen de eerstelijnsdiagnose van FLUTD neemt urineonderzoek een centrale plaats in, aangezien een deel van de mogelijke oorzaken van FLUTD - bacteriële infecties en urolithiasis - aan de hand hiervan aan het licht kunnen komen.
Kennis van en ervaring met sedimentonderzoek is derhalve een vereiste binnen de dagelijkse dierenartspraktijk.
Slechts indien er sprake is van recidiverende FLUTD is het opsturen van een urinemonster naar een laboratorium en eventueel ander vervolgonderzoek noodzakelijk.
* Werkzaam bij Rein Vet Products, e-mail info@katkor.com
|